wimblog.be

Het blog van Wim, over alles wat er in en om het huis voorbijkomt

Home/Klussen en gereedschap/Welke metaalboor ik pak, en waarom het meestal misloopt
27 augustus 2026
Klussen en gereedschap
ongeveer 3 minuten lezen

Welke metaalboor ik pak, en waarom het meestal misloopt

Boren in metaal mislukt zelden door de machine. Het loopt mis op drie punten: het soort boor, het toerental en het ontbreken van olie.

In elke gereedschapskist ligt wel een setje boren waarvan de helft blauw uitgeslagen is. Dat blauw is verbrand staal, en dat betekent dat de boor te snel gedraaid heeft zonder koeling. Een verbrande boor is niet meer scherp te krijgen met een gewone slijper en kan weg. Zonde, want in de meeste gevallen lag het niet aan de boor.

De soorten die er echt toe doen

SoortWaar hij voor dient
HSS rolgewalstzacht staal, aluminium, plastic, gewoon doe-het-zelfwerk
HSS geslepenhetzelfde werk maar netter, blijft langer scherp
HSS met titaannitridegoede standtijd in zacht en middelhard staal, herkenbaar aan de goudkleur
HSS met kobaltroestvrij staal, gereedschapsstaal, gietijzer
Stappenboordun plaatwerk, meerdere maten met één boor
Puntlasboorpuntlassen wegfrezen zonder de onderplaat te raken

Het onderscheid tussen rolgewalst en geslepen is het minst bekende en meteen het nuttigste. Bij een rolgewalste boor wordt de spiraal gewalst en daarna alleen de punt geslepen. Bij een geslepen boor wordt de volledige spiraal uit vol materiaal geslepen, waardoor de snijkanten scherper en gelijkmatiger zijn. Voor een gat in een balkje maakt dat niets uit. Voor roestvrij staal wel.

Roestvrij staal is trouwens waar de meeste boren sneuvelen. Het materiaal hardt uit onder de boorpunt zodra die begint te wrijven in plaats van te snijden. Dan wordt het gat harder dan de boor. Kobalt en een laag toerental zijn daar het antwoord, niet meer kracht.

Toerental is het halve werk

De vuistregel die hier op de kast hangt: hoe groter de boor en hoe harder het materiaal, hoe trager. Een boor van drie millimeter in aluminium mag vrolijk snel draaien. Een boor van tien millimeter in roestvrij staal moet naar een paar honderd toeren, met stevige druk. Krullen die er als lange spiralen uitkomen betekenen dat het goed zit. Stof en gepiep betekenen dat de boor wrijft.

  • Snijolie of gewoon boorolie bij alles wat staal is. Een druppel per gat volstaat.
  • Een centerpons voor het aftekenen, anders wandelt de boor.
  • Voorboren bij gaten boven de zes millimeter, met een boor van ongeveer een derde van de einddiameter.
  • Het werkstuk vastzetten. Een plaat die meedraait is de meest voorkomende oorzaak van een gescheurde hand.

Losse boren of een set

Sets zijn handig om te beginnen en daarna vooral om de gaten in de cassette te tonen. De maten die dagelijks gebruikt worden, drie, vier, zes en acht millimeter, gaan als eerste kapot en zitten er in een standaardset precies één keer in. Bij mij liggen die vier maten nu per twee of drie in de kist, los bijgekocht, en de rest zit nog in de oorspronkelijke cassette.

Losse boren per maat bestellen kan niet overal. Een zaak die zich enkel op boren toelegt heeft ze wel per diameter en per soort liggen, tot in de tienden van millimeters. Ik bestel bij https://www.boorkopen.be/, een Belgische boorwinkel met metaalboren, houtboren en batterijen, waar de voorraad die aangegeven staat ook werkelijk op voorraad ligt. Voor het bijzondere werk aan plaatstaal ligt daar ook de https://www.boorkopen.be/metaalboor/puntlasboor/, waarover een apart stuk staat.

De boor die het langst meegaat

Niet de duurste, maar de boor die niet blauw wordt. Dat is een kwestie van traag draaien, olie gebruiken en op tijd stoppen om af te koelen. Wie dat aanhoudt, haalt met een gewone geslepen HSS-boor meer gaten dan iemand anders met kobalt. En wie dat niet aanhoudt, houdt ook met kobalt een blauwe boor over.

Over de machine zelf: De boormachine leeft langer dan de boren.

Verder lezen