De boormachine leeft langer dan de boren
Twee accumachines versleten, en pas bij de derde begreep ik dat het bijna altijd de batterij is die opgeeft en niet de machine.
Een boormachine gaat kapot op drie plaatsen: de batterij, de boorhouder en de koolborstels. Van die drie is de batterij veruit de meest voorkomende, en dat is de enige die met een beetje discipline te vermijden is.
De batterij
- Niet volledig leeg laten lopen en niet weken op de lader laten staan.
- Bij lange stilstand rond de helft opgeladen wegleggen.
- Niet in een koude garage bewaren. Een lithiumbatterij die bij vriesweer belast wordt, verliest blijvend capaciteit.
- Na zwaar werk laten afkoelen voor het opladen.
Die vier regels hebben hier het verschil gemaakt tussen twee jaar en zeven jaar. De machine zelf heeft in die tijd niets gemankeerd.
De boorhouder
Een snelspanboorhouder die begint te slippen zit meestal vol stof. Openen, uitblazen, een druppel dunne olie op de schroefdraad en niet op de klauwen zelf. Als een boor scheef loopt, is dat vaker de houder dan de boor. Dat is te controleren door de machine met een lange boor in te spannen en langzaam te laten draaien, met een oog op de punt.
Wat er verder in de kast hoort
Een tweede batterij is nuttiger dan een tweede machine. Een klopstand is nuttiger dan een hoger vermogen. En een machine met een instelbaar toerental is bijna verplicht voor metaal, want zonder trage stand is elke boor op termijn verloren. Meer daarover in het stuk over metaalboren.
Verder lezen
- De puntlasboor is het gerief dat ik veel te laat ontdekt hebKlussen en gereedschap, 2 september 2026
- Welke metaalboor ik pak, en waarom het meestal mislooptKlussen en gereedschap, 27 augustus 2026
- Wat er in mijn kist zit na tien jaar schavenKlussen en gereedschap, 4 maart 2026
- Waarom de theeglazen bij mij de tassen vervangen hebbenKeuken en tafel, 19 augustus 2026
- Het terras klaarmaken voor de natte maandenHuis en buiten, 6 augustus 2026